De genealogie van Marit Terweij

Kekulé-nummering

Inleiding

Principe van de nummering

Kwartierverlies en kwartierherhaling

Verwijzing

Inleiding

De individuen in kwartierstaten worden tegenwoordig meestal genummerd
volgens de Sosa-Stradonitz-methode, in Duitsland en Nederland meestal de Kekulé-nummering (Kekulé-Numerierung) genoemd, in Amerika ook bekend als
de Ahnentafel Method.
Deze methode van nummeren is in onze tijd populair gemaakt door Stephan Kekulé von Stradonitz (Gent, 1 mei 1863–Berlijn, 5 mei 1933), jurist en genealoog. Hij publiceerde rond 1900 zijn Ahnentafel-Atlas met daarin kwartier-
staten van Europese vorstenhuizen (Ahnentafel-Atlas, Ahnentafeln zu 32 Ahnen der Regenten Europas und ihrer Gemahlinnen, Berlin, J. A. Stargardt, 1898–1904).
De nummering die Kekulé daarin gebruikte, was gebaseerd op het systeem dat eerder door Jerónimo de Sosa, een 17de eeuwse Spaanse franciscaner monnik, was toegepast in zijn werk Noticia de la gran casa de los marqueses de Villafranca (Napels, 1676; zie ook deze afbeelding). De Sosa baseerde zijn nummering op zijn beurt weer op het werk van Freiherr Michaël von Eytzinger (Obereitzing, ca. 1530–Bonn, 1598), een Oostenrijkse edelman, diplomaat en historicus, die bijna honderd jaar eerder Thesaurus principum hac aetate in Europa viventium (Cologne, 1590; zie ook deze afbeelding) publiceerde. Daarin laat Eytzinger zijn nieuwe, door hemzelf ontwikkelde nummering van voorouders zien aan de hand van 34 kwartierstaten van Europese vorstenhuizen.

Principe van de nummering

De proband in de kwartierstaat, man of vrouw, is nummer 1. De vader van de proband is nummer 2, de moeder nummer 3. De grootvader van vaderskant is nummer 4, de grootmoeder van vaderskant is nummer 5, de grootvader van moederskant is nummer 6, de grootmoeder van moederskant is nummer 7. Enzovoort.
Het nummer van de vader is steeds het dubbele van het nummer van zijn kind. Het nummer van de moeder is steeds één hoger dan het nummer van de vader. Mannen in een kwartierstaat hebben dus altijd even nummers en vrouwen oneven nummers. Uitzondering is de proband: nummer 1 kan een man of een vrouw zijn.

kekulë-nummering

Per generatie is eenvoudig vast te stellen welke nummers daartoe behoren:
Eerste generatie: nummer 1;
Tweede generatie: nummer 2–3;
Derde generatie: nummer 4–7;
Vierde generatie: nummers 8–15;
Vijfde generatie: nummers 16–31, enzovoort.
De formule is niet ingewikkeld: het eerste nummer van de reeks is het dubbele van het eerste nummer van de voorgaande reeks; het laatste nummer van de reeks is het dubbele plus één van het laatste nummer van de voorgaande reeks.

Kwartierverlies en kwartierherhaling

De Kekulé-nummering levert een doorlopende nummering op die alleen onderbroken wordt door kwartierverlies of kwartierherhaling.

Bij kwartierverlies zijn geen genealogische gegevens beschikbaar door gebrek aan bronnen. Er kunnen dus ook geen gegevens in de kwartierstaat opgenomen worden. De betreffende tak in de kwartierstaat stopt.
Veel auteurs beperken kwartierverlies tot ongehuwde moeders waarbij de vader niet te achterhalen is, vondelingen of pleegkinderen en sluiten het algemeen ontbreken van bronnen uit (zie bijvoorbeeld R.F Vulsma in Gens Nostra). Ik ben het daarmee niet eens en sta daarin niet alleen, zie ook Wikipedia. Als voor-
ouders niet te achterhalen zijn, om wat voor reden dan ook, dan resulteert dat in kwartierverlies.

Bij kwartierherhaling heeft een paar in de kwartierstaat dezelfde voorouders. Er zou voor gekozen kunnen worden om deze voorouders twee keer in de kwartier-
staat op te nemen onder verschillende nummers, maar dat is niet handig. Men moet er op letten dat de opgenomen gegevens bij beide vermeldingen steeds precies hetzelfde zijn. Maar ook de kwartieren van deze voorouders (de voor-
ouders van de voorouders) moeten dan dubbel opgenomen worden en dan wordt het steeds lastiger om de boel op orde te houden. Ook is aan de kwartier-
staat niet zonder meer af te lezen dat er sprake is van kwartierherhaling.

Verwijzing

Het computerprogramma waarmee de diagrammen van de kwartierstaten op deze website zijn gemaakt, plaatst een kader met een onderbroken lijn om de tweede vermelding met het hoogste Kekulé-nummer, terwijl de hyperlink verwijst naar de eerste vermelding met het laagste Kekulé-nummer. De tweede vermelding wordt niet verder uitgewerkt. Ook op papier kan het beste verwezen worden, terwijl alleen de eerste vermelding uitgewerkt wordt.